Historische Cornelis Musiusschool verbouwd tot aardgasvrij en fris IKC

De Cornelis Musiusschool uit 1925, onderdeel van een voormalig katholiek bolwerk in een wijk bij het centrum van Delft, is gemoderniseerd en technisch up-to-date gebracht. Het is nu een aardgasvrij, fris IKC met een authentieke uitstraling en veel aandacht voor de natuur. De renovatie is mogelijk gemaakt doordat het schoolbestuur, de Laurentius Stichting, en de gemeente op één lijn zaten en uitstekend hebben samengewerkt. Projectmanager Dave Wijsman: "Dit pand is gerenoveerd vanuit ideologie, want zo'n oud pand met hoge gangen, grote trappenhuizen en zo'n ruime indeling is erg kostbaar om te verduurzamen. De meerwaarde van dit project zit in de gebouwkwaliteit voor de kinderen en de leerkrachten, maar ook in de historische uitstraling van het gebouw in de wijk. Als deze renovatie was gedreven door geld verdienen was het er niet gekomen."

Historie van twee scholen in een wijk

Oorspronkelijk bestond de Cornelis Musiusschool uit twee losse katholieke kloosterscholen: een jongensschool en een meisjesschool. Beide gebouwen werden in de jaren twintig gebouwd en verbonden door een gymzaal. Gedurende het bestaan van de school zijn er vele verbouwingen geweest, onder anderen toen de school in de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetter werd gebruikt. Ondanks de mooie historische details, zoals de gangen met bogen en de beelden van heiligen in de gevel, raakte het gebouw de laatste jaren in verval. De school werd steeds minder geschikt voor eigentijds onderwijs en miste elke uitstraling.

De gemeente Delft wil in 2050 energieneutraal zijn. Daar worden nu de eerste stappen voor gezet. Men vindt het belangrijk dat verduurzaming niet ten koste gaat van de historische gebouwen in de stad. Daarom is enkele jaren geleden al een strategie bepaald hoe men om wil gaan met oude schoolgebouwen. Uitgangspunt is dat scholen van voor de tweede wereldoorlog worden gerenoveerd en van na 1995 worden aangepast. Scholen die gebouwd zijn tussen 1945 en 1995 worden vervangen. Volgens Rens van Hal, beleidsadviseur onderwijshuisvesting van de gemeente, heeft dat niet alleen te maken met de cultuurhistorische waarde. "Scholen die tussen 1945 en 1995 zijn gebouwd, zijn destijds snel en goedkoop gebouwd, en daardoor bouwtechnisch minder goed van kwaliteit. Daarom krijgen die scholen meestal vervangende nieuwbouw."

Planvorming

Dave Wijsman heeft in de jaren zeventig een aantal jaren op de Cornelis Musiusschool gewerkt en kent alle hoeken van het gebouw. Hij vond het leuk dat hij in 2015 vanaf de start bij de renovatie werd betrokken. "De plannen waren aanvankelijk vooral gericht op het weer aantrekkelijk maken van de school. De gymzaal tussen beide delen zat echt in de weg en gaf de school van buitenaf de uitstraling van een gevangenis. Dat wilden we anders, meer transparant. En we wilden ook het prachtige binnenterrein meer bij de school betrekken." Het gebouw moet na de renovatie ouders en kinderen ook motiveren om in de toekomst bewuster om te gaan met de natuur. Moestuinen, natuurtinten, planten in en rond het gebouw en groene gevels vormen daarvoor de inspiratie.

Tijdens de planvorming werd duurzaamheid een issue. De renovatie was een uitgelezen kans om dat meteen mee te nemen, vooral omdat dit heel goed aansloot bij de visie op duurzaamheid en groenbeleving van de school. Het was al de bedoeling om het gebouw goed te isoleren en te voorzien van een ventilatiesysteem, waarmee een binnenklimaat Frisse Scholen klasse B kan worden bereikt. Dat er aanvullend werd gekozen voor aardgasvrij had tot gevolg dat er een andere vorm van verwarming van het gebouw moest komen. De keuze is gevallen op warmte-koude-opslag in de bodem. De elektriciteit die nodig is voor de warmtepompen wordt opgewekt met 400 zonnepanelen op het dak van de school. Het gebouw wordt verwarmd met lage temperatuur radiatoren.

Leerpunten

Zowel Rens van Hal als Dave Wijsman wijzen er op dat de samenwerking tussen de gemeente en het schoolbestuur uitzonderlijk goed is. Het is volgens Wijsman essentieel dat je vanaf het ontwerpproces samen optrekt. "Als schoolbestuur moet je het committment van de gemeente hebben. De gemeente op zijn beurt moet er van op aan kunnen dat het schoolbestuur het project kan realiseren zoals het met elkaar is bedacht. Als je niet wilt samenwerken moet je er wat mij betreft niet aan beginnen." Van Hal vult aan dat er in Delft echt een goed gesprek is, waarbij de gemeente en de schoolbesturen goed naar elkaar luisteren en rekening houden met elkaar.

Hij verwacht op termijn wel problemen met de bekostiging van de verduurzaming van alle schoolgebouwen in Delft voor 2050. "Het kost de gemeente ongeveer twee keer zoveel geld om een schoolgebouw te vervangen  of te renoveren door een aardgasvrij energieneutraal gebouw dan dat het Rijk bijdraagt. Als je dat doorrekent voor alle nog te verduurzamen schoolgebouwen betekent het dat de gemeente honderden miljoenen moet investeren. Dat geld is er niet. De rijksbijdrage moet dus echt omhoog, want anders halen we de duurzaamheidsambities voor 2050 niet."


Deze praktijkervaring is opgesteld vanuit het innovatieprogramma ‘Aardgasvrije en Frisse Scholen’. Dit programma is bedoeld om ervaringen met aardgasvrije en frisse basisscholen te verzamelen en te delen. Zie ook: www.aardgasvrijescholen.nl

Aanbesteding

Onder leiding van Dave Wijsman is de uiteindelijke renovatie van de school in 2019 gestart. Na een grondige voorbereiding is het project traditioneel aanbesteed. Vanuit kostenoogpunt zijn de W en S installaties, de elektra- en de bouwkundige werkzaamheden apart aanbesteed. "Er lopen drie hoofdaannemers rond. Dat betekent dat je als bouwdirectie meer werk hebt, maar dat is mijn vak. Elke twee weken organiseer ik een bouwvergadering en daar werken we in een open discussie vanuit het gevoel dat we het samen moeten maken. Ik verwacht dus van de bouwpartners dat ze meedenken in het proces en dat ze het zeggen als er slimmere oplossingen zijn."

Bij een traditionele aanbesteding is het niet te vermijden dat er sprake is van meerwerk, vooral niet bij de renovatie van zo'n oud pand. Wijsman gaat ervan uit dat er tussen de 10 - 15 procent meerwerk is bij dit soort projecten. Door de samenwerking lukt het vaak om extra uitgaven aan de ene kant te compenseren met meevallers aan de andere kant. De gekozen methodes om het gebouw van energie te voorzien en het te koelen en te verwarmen zijn allemaal bestaande technieken, die hun sporen al hebben verdiend. Daarom verwacht Wijsman dat het risico op tegenvallers in de exploitatie klein is.

Aardgasvrij

De energie voor de installaties van de Cornelis Musiusschool wordt opgewekt met behulp van zonnepanelen. In totaal liggen er 400 panelen verspreid over de daken. Dat grote aantal is noodzakelijk omdat er wordt gewerkt met een WKO-installatie, ofwel warmte- en koudebronnen in de bodem. Warmtepompen zorgen ervoor dat de warmte in de bodem wordt opgeslagen en daar weer uit wordt onttrokken als het nodig is. Voor het correct functioneren van een WKO-installatie draaien de warmtepompen continu. Daardoor is de elektrische energie die zo'n installatie gebruikt erg hoog.

Op de zolders  van de twee schoolgebouwen zijn twee grote ventilatiesystemen geplaatst. Die zijn CO2 gestuurd en voorzien van warmteterugwinning. Deze installaties verspreiden de lucht door de lokalen op een gelijkmatige wijze door middel van textiele luchtkanalen, die bovenin de lokalen zijn gemonteerd. Hoewel het ventilatiesysteem uitgezet kan worden als de school gesloten is, verbruikt deze toch een flinke hoeveelheid energie.

Dave Wijsman ervaart het energieverbruik van de school als erg hoog. Dat komt mede doordat de school vóór de renovatie geen ventilatiesysteem had. Als de luchtkwaliteit achteruit ging werd er gewoon een raam open gezet. "Als je besluit om de school te renoveren naar een aardgasvrij gebouw moet je rekening houden met een forse toename van het elektriciteitsverbruik. Dat moet worden gecompenseerd door voldoende zonnepanelen op het dak te plaatsen. Uiteraard krijg je geen gasrekening meer."
 

Bekostiging

De renovatie van het schoolgebouw heeft ruim 4,5 miljoen euro gekost. Ongeveer 30 % van dit bedrag betreft de installaties. Nagenoeg alle kosten van de renovatie zijn betaald door de gemeente. De Laurentius Stichting heeft zelf de zonnepanelen betaald en de reservering van het groot onderhoud van het gebouw bijgedragen.

Een oplossing, waarbij het schoolbestuur vooruitlopend op besparingen in de exploitatie door het wegvallen van de energierekening een lening zou kunnen aflossen, is niet overwogen. Volgens Dave Wijsman is er ook helemaal geen sprake van lagere exploitatiekosten. Het schoolgebouw is na de renovatie nog steeds een groot gebouw, met hoge verdiepingen en met hele grote trappenhuizen. Ondanks dat het nu goed is geïsoleerd kost het veel energie om het te verwarmen en te ventileren en vraagt het veel van de installaties. Het onderhoud van de installaties die voor de verwarming en ventilatie zorgen is bovendien erg kostbaar. "De warmtepompen van de WKO-installatie draaien dag en nacht. Daar vindt dus ook de nodige slijtage plaats. Mijn ervaring met WKO-installaties is, vooral door de enorme hoeveelheid administratieve rompslomp, dat het onderhoud  lastig is. Je mag dat absoluut niet vergelijken met dat van een gasinstallatie. Wat je bespaart op inkoop van energie geef je nu weer uit aan onderhoud."


Impressie praktijkervaring

Gerelateerde items